Startpagina
 
Terug
 
 
In het embleem van het Regiment Limburgse Jagers prijkt een jachthoorn. Onze in maart 2005 overleden muzikale leider Hein Vermeulen (links) speelde corhoorn bij de Limburgse Jagers. Een ander inmiddels overleden lid, Ger van der Sterren, was er tamboer.

Mijn eerste contact met het RLJ ooit was via mijn ‘meester’ van de 2de klas in 1961; meester Vlecken. Hij moest in dienst bij het RLJ, ik meen in Blerick. We kregen kaart van hem en hij kwam op bezoek in zijn ‘eerste grijs’.


Bij de Limburgse Jagers is de jachthoorn een verwijzing naar het graafschap Horne en wellicht ook naar drie graven van Horne die dienst deden in de voorlopers van het Regiment Limburgse Jagers. Hun wapenschild komt nu nog voor in het Limburgse provinciewapen.

Het embleem van het Regiment Limburgse Jagers
De oprichter en eerste regimentscommandant van het Regiment Limburgse Jagers, luitenant-kolonel Antoni, ontwierp zelf het regimentsembleem. Het stelt een jachthoorn voor met het Limburgse eikenloof met drie eikels en in het midden een rechtopstaand zwaard. Als wapenspreuk koos Antoni: 'Regi Limburgiae Juventus'; 'De weerbare jeugd van Limburg voor de koning'. RLJ staat ook voor Regiment Limburgse Jagers.


De jachthoorn nam Antoni over van het voormalige graafschap Horn, dat in het huidige Limburg ligt. Philips van Montmorency, één van de graven van Horn, is samen met de graaf van Egmond een bekende figuur uit onze vaderlandse geschiedenis. Beide edelmannen werden op de Grote

Markt in Brussel op 5 juni 1568 onthoofd. Op deze dag begint in de geschiedschrijving de Tachtigjarige Oorlog.
Het eikenloof ontleende Antoni aan het Limburgs Volkslied, dat begint met de zin 'Waar in 't Bronsgroen Eikenhout'. En eikenloof is ook het teken van de overwinning.
De drie eikels symboliseren de drie stamregimenten - het 2de, 6de en 11de Regiment Infanterie. Het zwaard nam Antoni uit ons Rijkswapen over.

De oplettende lezer ziet dat het geen ronde hoorn is maar een zogenaamde ‘halve maan hoorn’. De jagerregimenten hadden andere taken dan de linieregimenten. De jagers werkten daarom in kleine groepjes of alleen, en de linieregimenten - zoals de naam zegt - in rijen of in aaneengesloten formaties. De commandolijnen waren bij de jagers langer en daarbij was een korte hoorn - toch nog 1,3 meter lang - een goed communicatiemiddel.

Zo een halve maan hoorn bespeelden ook de muzikanten bij de Limburgse Jagers. Dat begon met een groep bij het 16de bataljon in Oirschot, werd afgeschaft en eind zestiger jaren bij het 42ste in Seedorf weer opgepakt, tegelijk met de dienstplicht opnieuw afgeschaft, en in 2015 weer in ere hersteld bij de Nationale Taptoe.


Het embleem wordt gedragen op een donkergroene achtergrond met karmozijnrode biezen. Deze kleuren vinden hun oorsprong in de uniformen van het Limburgs Bondscontingent, een Nederlands onderdeel dat bij het leger van de Duitse Bond behoorde toen Limburg als hertogdom deel uitmaakte van deze losse vereniging van vorstendommen en stadstaten (1842-1867). De infanteristen van dit contingent heetten ook 'Limburgsche Jagers' en kenden een jachthoorn als korpsonderscheiding.

Het devies van de huidige Limburgse Jagers - een van de oudste korpsen van de Koninklijke Landmacht - is 'Niet beter, wel anders'.

                                       


Graven van Horn
De drie jachthoorns in het wapen van de graven van Horn verwijzen naar het geslachtswapen van de heren, later graven van Horn. De familie van Horn is sinds 1102 bekend. Het stamgebied van de familie was Horn en de omliggende plaatsen, zoals Haelen.
Verder bezaten leden van het geslacht grote gebieden in het huidige Limburg en Noord Brabant, Belgisch-Limburg en Noord-Frankrijk.
Hun wapen met de drie rode hoorns op een gouden veld kom je daarom ook tegen in de wapens van Haelen, Loon op Zand, Eindhoven, Wessem, Neer, Beegden, Hunsel, Weert, Budel, Leende, Heeze, Waalre en Zesgehuchten in Nederland, Aumerval, Achiet-le-Grand, Lestrem, Auchy-au-Bois, Floringhem en Sains-lès-Pernes in Frankrijk en Beveren en Krombeke in België.

                                           


Het wapen van de provincie Limburg
Voordat Limburg bij Nederland kwam, hebben delen van wat nu Limburg is, tot verschillende gebieden behoord. Dit weerspiegelt zich in het wapen van Limburg. Het wapen van Horn komt weer terug in het wapen van Limburg dat is opgebouwd uit de wapens van de gebieden Valkenburg, Gulik, Horn, Gelderland en Limburg.

Het oorspronkelijke Limburg omvatte ook het huidige Belgisch-Limburg, maar niet het gebied ten noorden van Venlo (Gelders gebied) of het gebied rond Weert (Graafschap Horn). Ook in het zuidelijker deel waren veel delen niet direct onderdeel van Limburg, maar vielen onder Gulik of Valkenburg.


Het hartschild is van de heren van Limburg, een hertogdom van het oude Duitse Rijk (rode dubbelstaartige leeuw op zilver/wit). De Limburgse leeuw is al bekend van een zegel van graaf Hendrik III van Limburg uit 1208. In 1221 kreeg de leeuw twee staarten, waarschijnlijk omdat de toenmalige graaf ook regent was in Luxemburg. De kleuren zijn bekend sinds 1227, waar ze worden vermeld voor Hendrik IV van Limburg. De leeuw is daarna niet meer gewijzigd en werd door alle opvolgers voor Limburg gebruikt.

In 1288 komt na de slag van Woeringen de hertog van Brabant in bezit van Limburg. Brabant en Limburg werden daarna in een personele unie geregeerd. Het Limburgse wapen verschijnt ook in het wapen van de hertogen van Brabant. Dit wapen komt in veel Noord-Brabantse gemeentewapens terug.


Het eerste kwartier is het wapen van de heren van Valkenburg: dit wapen is gelijk aan het van Limburg omdat Valkenburg in 1221 aan Limburg verviel. Het wapen van Valkenburg (een rode, gekroonde leeuw op een zilveren veld) is ook de basis van het embleem van onze vereniging. Omdat de gemeente Nieuwenhagen vroeger Valkenburgs gebied was.
Het tweede kwartier is het wapen van de heren van Gulik ook een hertogdom in het Duitse Rijk dat delen van (nu) midden Limburg bezat (een zwarte leeuw op goud/geel).

Het derde kwartier is het wapen van de graven van Horn (drie jachthoorns van rood, beslagen van zilver/wit, op geel); de graven van Horn waren erfelijk jachtmeester van het Duitse Rijk.

Het vierde kwartier bevat het wapen van Gelre (een gele leeuw op blauw); de graven van Gelre hadden een stamslot, waar de Roer in de Maas stroomt.


In het Limburgse provinciewapen komt zo tot uiting dat de huidige provincie uit historisch zeer verschillende gebieden bestaat.


Zoals aangegeven, kom je in gemeentewapens de hoorn ook nog vaak tegen, veelal omdat ze uit adellijke heraldische schilden voortkwamen.


                                       


Het wapen van huis van Oranje-Nassau
Ook onze koning Willem-Alexander en prinses Beatrix hebben vier jachthoorns in hun vlag of 'standaard'. Ze zijn afkomstig uit het wapen van het geslacht Oranje. De stamvader van dat geslacht, Guilhelm d'Orange ook wel Willem met de Hoorn genoemd, voerde een hoorn in zijn wapenschild: een blauwe jachthoorn met een rode draagband en een zilveren (wit) beslag; 'van azuur en gesnoerd en geopend van keel, beslagen van zilver'. Ook ook de kleuren van onze nationale driekleur.

Op de standaard staan verder het Rijkswapen met Koninklijke kroon omhangen met de versierselen van het Grootkruis Militaire Willemsorde. Onze koning is immers Grootmeester van deze orde.


Aardig is te weten dat Guilhelm/Guillaume (Willem) d'Orange, stamvader van het geslacht van Oranje, ook (tijdelijk) Hertog van Aquitanië is geweest. Net als, volgens de legende, de vader van Sint Hubertus. Stamvader Guilhelm, zoon uit een - naar men zegt - aangezien Bourgondisch geslacht, leerling en leenman van Karel de Grote, veroverde Orange op de Saracenen. En kreeg als beloning van Karel de titel Prins van Orange. Deze Guilhelm is ook - zelfs tot twee keer toe - heilig verklaard en zijn feestdag is op zijn sterfdag, 28 mei.

Willem met de Hoorn
Willem met de Hoorn heette eigenlijk Willem met de Korte Neus. Deze Guillaume au Cornet, bekend als Guillaume d'Orange en Guillaume de Gellone (* 752 - +28 mei 812(?)) was een legendarische middeleeuwse figuur. Hij was hertog van Aquitanië, graaf van Toulouse, markies van Septimanie en later ook de eerste graaf van Orange.


Zijn naam: de oorsprong van de hoorn in het wapenschild van de Oranjes?
Willem vocht in het zuiden van Frankrijk tegen de Saracenen en had een aandeel in de verovering van Barcelona in 803. Bij één van die gevechten sloeg een Saraceen hem een stuk van zijn neus af, wat hem de bijnaam 'Guillaume au Court Nez' (Willem met de Korte Neus) opleverde. Later verbasterde dit in 'Guillaume au Cornet' (Willem met de Hoorn).

Tijdens zijn strijd tegen de Saracenen veroverde hij onder andere het gebied rond Orange. Die stad zou Willem op 30 april 800 (of was het in 793?) hebben veroverd. Dit gebied werd hem later door Karel de Grote in leen gegeven, waarmee hij de eerste Graaf van Orange werd.

Is zijn bijnaam de reden dat er een hoorn staat in het wapenschild van de Oranjes?


Zijn leven
Hoeveel van de verhalen over deze legendarische figuur op feit of fictie berust, is niet precies te zeggen. Hij zou in 752 geboren zijn als zoon van Theodoric, graaf van Autun. Zijn moeder zou Aldana geweest zijn, een dochter van Karel Martel. Hij was een neef en paladijn van Karel de Grote. Die stelde hem in 790 aan als voogd over zijn minderjarige zoon Lodewijk de Vrome, die koning van Aquitanië was. Willem mocht zich daarom tot de meerderjarigheid van Lodewijk hertog van Aquitianië noemen.


Na de dood van zijn vrouw, een bekeerde dochter van een Saraceense vorst, wordt Willem heremiet en sticht in 804 het klooster Saint-Sauveur de Gellone in Saint-Guilhem-le-Désert (ongeveer 40 km ten westen van het huidige Montpellier). Dat klooster wordt later een pleisterplaats voor de pelgrims op hun weg naar Santiago de Compostella.

Nadat hij Karel de Grote nog éénmaal te hulp is gekomen bij een opstand in Parijs, overleed Willem op 28 mei 812 in het door hem gestichte klooster.
Willem werd twee maal heilig verklaard, de tweede maal in 1066 door Paus Alexander II.
Hij is patroon van de wapensmeden en ligt sinds 1139 begraven in de kerk van Saint Sernin in Toulouse. Daar is zijn sterke arm in een aparte reliekschrijn geplaatst.

Zijn daden worden onder andere beschreven in La Geste de Garin de Monglane, een middeleeuws Frans heldendicht, en in Spieghel historiael, een 13de eeuwse kroniek van Jacob van Maerlant.


Bron: Wikipedia



In 1163 werd Orange een prinsdom en was de titel Prins van Oranje een feit. De titel ging over naar het Huis van Chalon en door het huwelijk van Claudia van Chalon met Hendrik III van Nassau ontstond rond 1500 de band met het Huis Nassau. Hun zoon Rene van Chalon was Prins van Oranje en graaf van Nassau. Omdat Rene bij zijn dood in 1544 geen wettige kinderen had, wees hij zijn Duitse neef Willem van Nassau Dillenburg (onze Willem de Zwijger) aan als zijn erfgenaam. Zo ontstond het Huis Oranje-Nassau.


Filibert van Chalon, Prince d'Orange was een van de bevelhebbers van Karels leger bij de Sacco di Roma. De toen 25-jarige was in Karels dienst omdat de Franse koning aasde op zijn prinsdom.

Hij stierf bij het beleg van Florence in 1530. Het prinsdom werd in 1672 alsnog door de Franse koning Lodewijk XIV ingepikt toen hij samen met Engeland in oorlog was met de toenmalige Nederlanden. Bij het Verdrag van Utrecht in 1713 werd Orange officieel een deel van Frankrijk.


                                       


De hoorn in het dagelijks gebruik
Maar niet alleen de koningin en de jager hebben een hoorn. Ook de bakker blies op de hoorn als de oven heet was en het deeg gebracht kon worden. En later nog eens als het brood klaar was. Net als de stadswachten en torenwachters die vroeger een hoorn gebruikten om hun signalen over te brengen.

De postiljon meldde op zijn hoorn zijn komst aan. Ook voor het tot ontploffing brengen van dynamiet werd er op een hoorn geblazen en daarna weer om het sein 'veilig' te geven. En tot voor kort werkte men langs het spoor nog met hoorns om een naderende trein aan de spoorwegwerkers te melden. Overigens vroeger had ook bijna iedereen - en nu nog wel meestal - tenminste een 'hoorn' in huis: de hoorn van de telefoon.                 

 

De heraldiek

In menig familie-, gemeente- regimentswapen of hotel-uithangbord kom je de jachthoorn tegen. Bij het leger kom je de jachthoorn vooral tegen in de jagerregimenten. Zoals bij de Nederlandse Jagersbataljons. Bij de Britten is de jachthoorn overgenomen van de ‘Duitsers’ in de tijd dat zij dienst deden in de Hannoveraanse legers. En in het familiewapen van onze koning staat een hoorn. Ook daarom aandacht voor de jachthoorn in de heraldiek.

Meer over:
De Limburgse vag

Het Limburgs volkslied