Feit is wel dat de hond vanaf het jaar 900 vanuit het klooster bij Saint Hubert wordt aangeboden aan koningen, edelen en hooggeplaatste geestelijken. Ook daarom was Saint Hubert een veel aangelopen plaats nog voor de legende ontstond.
Met Willem de Veroveraar gaat de Hubertushond in 1066 mee naar Engeland. Als rashond komt hij in de 19de eeuw daar weer van terug naar het Europese vasteland. Vandaag de dag is de Hubertushond als jachthond, speurhond en lawinehond zeer gewaardeerd vanwege zijn perfecte reukzin. Die zou de beste van alle hondenrassen zijn. Het uitstapje overzee en ook zijn werk in de USA heeft hem ook de naam 'Bloodhound' opgeleverd.
Een bloedhond
De Hubertushond is een lopende hond en fameus voor zijn robuustheid en uithoudingsvermogen, wat nodig is bij drijfjachten en hij heet daarom ook wel een bloedhond. Het woord bloedhond heeft waarschijnlijk twee even redelijke verklaringen; bloed in de zin van zuiver van ras, en bloed als aanduiding van het werk dat de hond perfect doet, namelijk een bloedspoor met zijn perfect werkende neus volgen en het aangeschoten wild opsporen. De jager noemt dat een 'zweetspoor uitwerken'.
Elke andere betekenis, zoals bloeddorstig, eraan toekennen, is voor de Hubertushond zeker niet juist. Het is een echte lieve 'lobbes', goed als gezelschap, maar met passie voor de jacht.
Geef ze de ruimte, want met een schouderhoogte tot bijna 70 cm en een kilo of 40 à 45 'schoon aan de haak', loopt hij jou eerder omver dan jij hem of haar.