From the diary 14/15 June 1943 of RAF BomberCommand
197 Lancasters and 6 Mosquitos to Oberhausen. This target was also cloud-covered but once again the Oboe skymarking was accurate. 17 Lancasters lost, 8,4 per cent of the force.
De EE 167 had deze bommenlast aan boord: 'Bomb load 1x4000lb, 56x30lb, 690x4lb incendiaries'.
Het vervolg
Naar aanleiding van de bijdrage van Bert Spoelstra sprak de redactie van Jaarboek 1994 met getuigen van de crash van de Lancaster. De verhalen kwamen aardig overeen met de bevindingen die Spoelstra reeds had opgeschreven. De meest bijzondere reactie kwam van oud-Schinveldenaar Pierre Dela Haye.
Zijn relaas: "Zelfs in Amerika wordt over de crash van 1943 gesproken. In Mesa, Arizona, bezocht ik onlangs Huub Giebels, die in de Emmastraat dicht bij de plek woonde waar de bommenwerper neerstortte. Huub en ik haalden herinneringen op en daarbij kwamen de volgende wetenswaardigheden naar voren. Half Schinveld heeft de bommenwerper bezocht en bekeken en velen hebben zaken meegenomen die ze dachten te kunnen gebruiken. Zo ook Giebels sr en mijn vader, die bakker was. Ze hebben in het bijzijn van Huub en mij het
carter van een motor afgenomen en de olie in een grote kan en enkele flessen meegenomen. Giebels sr stak in het carter een slangetje en zoog de dikke olie op.
Waarschijnlijk zat een propje in de slang, want toen dat losschoot kreeg hij de volle lading binnen voordat hij het slangetje in de kan kon stoppen. Toen hij het had uitgespuugd zei hij; "Dat sjmak neet sjlech." Maar enkele minuten later stond hij in de struiken over te geven. De olie was goud waard, want het spul was erg schaars. Mijn vader had een klein machientje om olie uit maanzaad te maken. Daarvan waren door gebrek aan smering de lagers vastgelopen en dat is toen met die olie gesmeerd. 't Heeft nog zeker een jaar gelopen. Bij Mols in de Broekstraat zijn er alle werktuigen mee gesmeerd. Ook heel wat fietsen, zoals die van 'Piet van de Lins' (Linssen), piepten daarna een stuk minder. En dan een tweede voorval met die Lancaster. Omdat mijn moeder in de winkel moest werken kon ze pas 's avonds gaan kijken.
Huub Giebels, Dré Wetzels en ik gingen mee. Ik herinner me dat drie leden van de bemanning dood op hun rug in een greppel lagen. Een verschrikkelijk gezicht met al die vliegen. Toen we wat rondgekeken hadden liep mijn moeder naar het veld in de buurt en begon bloemen te verzamelen. We deden mee en al gauw hadden we flinke hoeveelheden. Toen we ze bij de vliegers wilden leggen sorteerde mijn moeder ze eerst op kleur. En zo kwam er een dikke rood-wit-blauwe deken over de lichamen te liggen. We hadden echter buiten de Duitsers gerekend, want opeens was er een hoop geschreeuw en gebrul en werd mijn moeder in een soort jeepje geslagen en weggereden. Wij zijn toen naar huis gegaan en ik heb het mijn vader verteld. Mijn moeder is de dag erna vrijgekomen. Ze hoefde geen boete te betalen. Maar mijn vader laadde 's morgens de bakfiets vol met allerhande etenswaar en andere zaken en vertrok. Wie dit alles heeft gekregen voor de vrijlating van mijn moeder heb ik nooit vernomen. Maar ik was wel mijn kleine accordeon kwijt die ik van een oom had gekregen!"
Door dit relaas heeft de webmaster contact gehad met mw Lamerichs van de Veersjprunk, Bert Booth, Pierre Dela Haye (+ 2004), Hens Jansen en Twan Ernst.
Hens Jansen:
'The plane crashed into the backyard of his parental home, and his sister Hetty Jansen still lives there. All their windows were broken after the crash and they had cracks in their housewalls.
He told me that he remembers that shortly after the crash a German lieutenant was standing guard nearby when an amazone came riding. He first tried to wave her off, but then suddenly stood to attention. It appeared to be the countess of Amstenrade mrs De Marchant d'Ansembourg on her horse. She came looking if the plane had crashed into her woodlands. The count and countess were pro-German. He was the gouvernor of our province in the war. She was a German aristrocrat Freifrau von Fürstenberg. Amstenrade is about 6 km from Schinveld.'
Hens also found the beheaded tailgunner with his part of the plane and chocolate and cigarettes. He told me that he knows a person in Schinveld who has a part of one the (wooden) propellers of the plane. He also told me that the tyres of the landinggear were stripped and put on their bycicles. After that he could see if his brother was home on his bike because of the profile on the road.
Wim Goedmakers:
Hij meldt in november 2008: 'Als lid van de Padvinders / Verkenners heb ik gedurende de naoorlogse jaren het graf van Flight Sergeant D.S. Finlason geadopteerd.'
Wim leverde het Duitse bericht en de bommenlast van het vliegtuig.
Hij heeft contact met familieleden van Finlason. Via Wim kreeg ik in juli 2009 ook de foto van Donald Finlason. Die kreeg hij op zijn beurt van Jane Lacey, dochter van Donalds broer Max.
Marcel Hogenhuis:
Hij is de voorzitter van de Stichting Ehemaliger Fliegerhorst Venlo/Herongen en voegt in december 2008 nog dit toe: 'Bedankt voor het uitgebreide artikel. Er zitten een paar onduidelijkheden/onjuistheden in:
- Lancaster EE167 heeft (naast de opengewerkte schets) de rompcode AR-N, iets verder (naast de foto) de rompcode AR-R. Het is N.
- Venlo was niet het grootste en modernste vliegveld van de Luftwaffe in Europa.
- Messerschmitts van het type 110J hebben nooit bestaan, Bf 110 is de enige juiste benaming.
- In juni 1943 hadden de nachtjagers boordradar zodat de zgn. "Jägerleitoffizier" (op de grond) slechts de nachtjager in de nabijheid van de bommenwerper hoefde te leiden. Daarna kon de bemanning met boordradar zelf een interceptie uitvoeren.
- Meurer boekte in de nacht van 14/15 juni 1943 zijn 42e, 43e (Schinveld) en 44e luchtoverwinning.
- Meurer maakte niet om 01.00 contact met de Schinveldse Lancaster, omdat hij om 01.02 zijn eerste slachtoffer van die nacht neerhaalde bij Weert (Lancaster W4936), de onderschepping moet kort daarna tot stand zijn gekomen.
- In 1943 eindigden de meeste wrakken nog bij het Zerlegebetrieb in Utrecht / Kanaleneiland, pas in 1944 kwam ook zo'n sloperij in Zuid-Nederland als onderdeel van Kamp Vught.
- De I./NJG 1 haalde in de nacht van 21/22 juni 1943 niet 11 maar 25 bommenwerpers neer van de in totaal 42 verloren gegane bommenwerpers.'
De webmaster heeft deze opmerkingen in de tekst verwerkt.
Zijn opmerkingen hierbij: De Weertse overwinning staan ook geboekt als FLAK-abschuss. Dat zoeken we verder uit.